Wie had dat gedacht. Solvinity, een oer-Nederlandse IT-dienstverlener met zeer hoge standaarden voor beschikbaarheid en cybersecurity (‘secure and compliant by design’), wordt overgenomen door een Amerikaanse IT-gigant. Hoofdpijn bij het ministerie van Justitie en Veiligheid, gemeente Amsterdam en Logius.
In 2022 werd Solvinity – een toonaangevende IT-dienstverlener gespecialiseerd in ‘Secure Managed IT Services voor bedrijven met hoge beveiligingseisen’ – opnieuw geselecteerd door het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Zo trots als een pauw repte Solvinity toen nog over het eigen Jupiter-platform: het ‘Justice Platform Infrastructure for Internet, Exploration and Resilience’. Jupiter is een combinatie van security-, hosting- en monitoringsdiensten, zodat kwaadaardig informatieverkeer gefilterd wordt en aanvallen op gemeenschappelijke diensten, vitale systemen én het interne netwerk voorkomen kunnen worden, aldus het bedrijf.
Mission critical to the max, zou je zeggen.
Maar helaas, Solvinity wordt overgenomen door het Amerikaanse Kyndryl, in 2021 afgesplitst van het ooit oerdegelijke IBM. Tussenconclusie: wat gisteren nog gold als een betrouwbare en veilige partner, is vandaag een hoofdpijndossier en morgen voer voor juristen (no pun intended).
Achter de oren krabben
Er zijn meer bedrijven die zich, nadat ze eerder vielen voor de charmes van Solvinity, nu achter de oren krabben. Denk aan gemeente Amsterdam, die bewust voor het Nederlandse Solvinity koos vanwege de bijzondere hoge standaarden. Hetzelfde geldt voor Rijksoverheids-IT-ontwikkelaar Logius. Die organisatie ontwikkelde samen met Solvinity een compleet platform voor digitale overheidsdiensten.
Wat vandaag nog als een goede of gangbare keuze geldt, is morgen een hoofdpijndossier: ook klantcontactmanagers ontkomen er niet aan. Dat geldt niet alleen voor software, maar voor bijvoorbeeld je sourcing-strategie. Heb je net besloten dat je wel/niet gaat offshoren naar Suriname, dienen zich plotseling nog aantrekkelijker alternatieven aan. Nou ja, plotseling?
Ziptone schreef al eerder over de opvolgers van Suriname. Eén daarvan is Egypte. Alleen al de loonkosten in dat land ontlokten opnieuw een zucht in Nederland: ja, het kan nóg voordeliger. De BPO-markt van Egypte is in ontwikkeling, maar al behoorlijk volwassen. Daarmee past het land in het rijtje India en Zuid-Afrika, ook al hebben sommige mensen bij die economieën achterhaalde beelden in hun hoofd. De snelle ontwikkeling van technologie zorgt ervoor dat de vraag ‘Nederland of Suriname?’ straks ‘Suriname of richting evenaar?’ is.
Wat kost dat in guldens?
Je kunt de titel van deze column ook als ‘hoopgevend’ interpreteren. Zeker als het gaat om technologie. Zo weten we nu dat we na twintig jaar klagen geleidelijk verlost worden van de IVR. En begrijpen we dat chatbot 1.0 een stap terug was in CX, maar dat chatbot 2.0 (aangedreven door AI) wél de potentie heeft om positief bij te dragen aan onze customer journeys.
Qua volumes gaat het in ieder geval hard met die nieuwerwetse chatbots, als we mogen afgaan op het halfjaarverslag van Vodafone – ja, de telco die ook een captive in Caïro runt. Die captives werden overigens zo ongeveer uitgevonden door bedrijven als IBM en Capgemini, die met hun BPO-hubs het goede voorbeeld gaven aan bedrijven als Albert Heijn en Shell. Die lieten hun boekhouding jaren geleden al inkloppen door net afgestudeerde accountants in gezellige stadjes als Krakow, Poznań en Gdańsk.
En nog even over die chatbot van Vodafone: die handelt wereldwijd 60 miljoen interacties per maand af! Wat betekent het als je dat terugrekent naar aantallen agents? Of is die vraag net zo stom als ‘wat kost dat in guldens’?
(Ziptone/Erik Bouwer)
Featured, Opinie, Technologie



