Nederland had binnen de EU in 2025 het hoogste percentage inwoners met ten minste digitale basisvaardigheden: 84 procent. Hiermee heeft Nederland het EU-doel van ‘digitalisering 2030’ al bereikt.
Dit blijkt uit nieuwe cijfers over ICT-gebruik bij bedrijven en inwoners van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en Eurostat. In 2030 moet volgens de Europese doelstelling 80 procent van de mensen van 16 tot 75 jaar in de EU ten minste digitale basisvaardigheden hebben.
Dat is goed nieuws voor klantcontact en klantenservice, processen die door organisaties steeds verdergaand worden gedigitaliseerd. Tegenover 84% met goede digitale vaardigheden staan echter drie miljoen volwassenen tussen de 16 en 75 jaar in Nederland die laaggeletterd zijn. Dat betekent dat zij moeite hebben met taal en/of rekenen en daardoor vaak ook met digitale vaardigheden.
Digitale vaardigheden worden gemeten op basis van wat mensen doen met ICT, verdeeld over vijf gebieden: informatie en digitale geletterdheid, online communicatie, computers en online diensten, privacybescherming, en softwaregebruik. Per onderdeel wordt gekeken of iemand basisvaardigheden heeft of meer dan basisvaardigheden. 56 procent van de Nederlanders beschikt over meer dan digitale basisvaardigheden. In 2023 was dat 50 procent en in 2021 48 procent; de cijfers uit 2025 laten dus een forse toename zien.
Het CBS stelt ook vast dat inwoners van Nederland (vergeleken met andere landen) het meest vaardig zijn in online communicatie (e-mailen, bellen via internet, sociale netwerken gebruiken, en online je mening geven over maatschappelijke of politieke kwesties). 99 procent van de mensen zou over meer dan alleen basisvaardigheden beschikken.
(CBS, Eurostat)
Customer Experience


