Klantjes – column Frans Reichardt

by Ziptone

Klantjes – column Frans Reichardt

by Ziptone

by Ziptone

woningcorporatie‘Stuur me een berichtje! Ik reserveer gelijk jouw plekje’ las ik op LinkedIn en toen wist ik het zeker: ik heb een allergie voor verkleinwoorden. Dit vermoeden was er al eerder. Vorig jaar besloot mijn woningcorporatie mijn woning te verduurzamen. Ik schrijf ‘mijn woning’, maar het is hún woning.

 

Als ik netjes elke maand meer dan duizend euro overmaak, mag ik hier weer een maand blijven wonen, maar in tegenstelling tot een hypotheek wordt de woning met die maandelijkse betaling niet steeds meer van mij. Sterker nog: elk jaar mag ik meer betalen en nog steeds is niet één baksteen van mij. Dat verduurzamen was trouwens geen luxe, want in de herfst waaide ik uit mijn laatste verschoning en in de winter werd ik wakker met ijspegels aan mijn baard. Ik woonde in een bushokje.

De woningcorporatie deed heel erg haar best mij goed te informeren over de werkzaamheden die mij te wachten stonden. In mei kwam een mevrouw op bezoek die vertelde wat er zoal ging gebeuren. Ik vertelde dat ik in oktober twee weken ging wandelen in Schotland en ik vroeg haar het mij tijdig te laten weten als er door mij in of rond mijn huis, nou ja hun huis, iets moest worden voorbereid. “Dat is goed om te weten. Dat geef ik door”, zei ze. Ik had nog wat vragen en ze beloofde mij vriendelijk: “Daar kom ik op terug”. Ze maakte geen aantekeningen en dus is zij op geen van de besproken punten teruggekomen.

In oktober werd ik een paar keer gebeld door een andere mevrouw van de woningcorporatie met vragen over de werkzaamheden in en aan mijn huis. De ene keer of ik de tuindeur van het slot kon halen, de andere keer of ik mensen in huis kon laten. Nou was ik die ene keer net hijgend aangekomen op de top van Conic Hill en de andere keer stond ik op the Devil’s Staircase (‘de trap van de duivel’), dus mijn voordeur opendoen was lastig. Elke keer klonk aan de andere kant van de lijn een verrast ‘oh ja’ als ik zei dat ik in Schotland aan de wandel en dus niet thuis was.

Ook kreeg ik een informatieve brochure en op gezette tijden ontving ik een nieuwsbrief. Geen digitale, maar een A4’tje met de titel ‘Nieuwsbrief’ dat bij mij in de brievenbus was gepropt. Het verduurzamen van mijn (lees: hun) woning mocht een paar bomen kosten.

Op de brochure stond ‘Informatieboekje’ en het tweewekelijkse spreekuur heette ‘Spreekuurtje’. Die verkleinwoorden bezorgden mij jeuk. Niet alleen hier, ook bij de viskraam. Ik haal twee lekkerbekken en twee haringen. “Dat zijn dan 23 eurootjes”. Dan denk ik ‘je kan wel ‘eurootjes’ zeggen, maar daar wordt het niet minder van. Het blijft 23 euro en omgerekend is dat 50 gulden. Of moet ik zeggen: guldentjes?’.

Ik nam mij voor om naar het spreekuurtje te gaan met een Pokemon-pet op, een Disney-rugzak en in een Paw Patrol T-shirt.

Laatst was ik bij de huisarts omdat ik al een poosje een plekje op mijn neus had dat maar bleef terugkomen en dat af en toe bloedde. De huisarts wist niet honderd procent zeker wat het was, maar hij wilde het voor alle zekerheid wel laten weghalen. “Misschien is het een beginnend huidkankertje.” Huidkankertje. Even overwoog ik mijn huisarts om de hals te vliegen en te roepen: “Ach wat lief, ik heb een huidkankertje!”

Wat brengt mensen ertoe hun klanten, huurders, patiënten enzovoort aan te spreken als kleuters? Ik nam mij voor om naar het spreekuurtje te gaan met een Pokemon-pet op, een Disney-rugzak en in een Paw Patrol T-shirt. Omdat ze dat vast niet zouden begrijpen besloot ik het spreekuurtje over te slaan en boodschappen te doen. Op de groenteafdeling pakte ik een zak geschilde aardappelen. Op de verpakking las ik: ‘Geschilde aardappeltjes’.

 

(Ziptone/Frans Reichardt)

Follow by Email
Facebook
X (Twitter)
Whatsapp
LinkedIn
Share
Customer Experience, Featured, Opinie
Top