Slechts 25% van de business- en IT-leiders zegt dat 40% of meer van hun AI-experimenten inmiddels in productie staat. Tegelijk verwacht 54% datzelfde niveau al binnen drie tot zes maanden te halen. Dat zijn de inzichten die Deloitte afgelopen najaar verzamelde en recent heeft gepresenteerd in het rapport State of AI in the Enterprise: The untapped edge.
Uit het rapport State of AI in the Enterprise: The untapped edge van Deloitte (januari 2026) komt het beeld naar voren dat organisaties AI-toepassingen snel willen uitrollen, maar nog worstelen met het omzetten van pilots naar structurele waarde. Organisaties hebben in ieder geval meters gemaakt met het bieden van toegang tot AI-tools aan medewerkers. In één jaar tijd is het aandeel medewerkers met ‘gesanctioneerde’ AI-tools met 50% gegroeid, van onder de 40% naar rond de 60%.
Opschalen blijft een uitdaging
Toch blijft het gebruik achter: van de medewerkers die toegang hebben, gebruikt minder dan 60% AI daadwerkelijk in de dagelijkse workflow. Daardoor is de echte toegevoegde waarde van AI-oplossingen tot nu toe nog beperkt. Deloitte denkt dat de oorzaak in belemmeringen rond schaalbaarheid ligt. Zo worden pilots vaak met opgeschoonde data en beperkte integratie opgestart, terwijl productie vraagt om security reviews, compliance, monitoring, integratie in bestaande systemen en blijvend beheer. Of zoals Deloitte concludeert: wat in een pilot een leerervaring is, verandert in productie in een bedrijfsrisico.
Opbrengsten vooral efficiency-gedreven
Bedrijven melden brede winst in productiviteit, kostenbesparingen en besluitvorming, maar van omzetgroei is lang niet altijd sprake. 74% hoopt AI te gebruiken voor omzetgroei, terwijl 20% zegt dat al te realiseren.
Deloitte ziet binnen de respondenten drie verschillende maturity-niveaus. Ongeveer een derde (34%) van de organisaties is begonnen met ‘deep transformation’ (ontwikkelen van nieuwe producten/diensten, heruitvinden van kernprocessen of zelfs businessmodellen). 30% van de organisaties herontwerpt processen rond AI, maar houdt het oorspronkelijke businessmodel intact. En 37% gebruikt AI ‘oppervlakkig’, met weinig of geen verandering in onderliggende processen. Het lijkt erop dat ook de klantcontactsector tot deze laatste categorie behoort; het primaire proces van klantcontact is nog steeds in tact en AI wordt zelden ‘customer facing’ ingezet.
Ondanks hoge verwachtingen over automatisering (36% verwacht binnen een jaar dat minstens 10% van de jobs volledig geautomatiseerd is), heeft 84% van de organisaties werk en rollen nog niet opnieuw ontworpen rond AI.
Use cases met de grootste verwachte impact liggen volgens de respondenten in customer support, naast supply chain, R&D, knowledge management en cybersecurity.
Agentic AI
Binnen twee jaar wil 74% van de ondervraagde organisaties agentic AI tot op zekere hoogte inzetten; 23% verwacht ‘extensief’ gebruik en 5% volledige integratie als kern van de operatie. Tekortkomingen zijn er voorlopig ook. Slechts 21% van de organisaties heeft naar eigen zeggen een volwassen governancemodel voor autonome agents beschikbaar.
Soevereiniteit speelt ook bij AI
83% noemt sovereign AI – bedoeld om de afhankelijkheid van buitenlandse leveranciers te verkleinen – minstens ‘matig’ belangrijk in strategische planning. 77% zegt dat de locatie van AI-ontwikkeling een expliciete factor is bij vendorselectie, en 58% bouwt de AI-stack primair op met lokale leveranciers. Met andere woorden, ‘waar het gebouwd is’ wordt net zo bepalend als ‘wat het kan’.
Het onderzoek is gebaseerd op een wereldwijde survey onder 3.235 business- en IT-leiders (in de maanden augustus en september 2025) in 24 landen en zes sectoren, aangevuld met 15 interviews. Alle deelnemende organisaties hebben al minimaal één AI-implementatie die dagelijks wordt gebruikt.
(Ziptone/Deloitte)
Featured, Kennisbank, Technologie


